Hou de jonge docent in het onderwijs (1): De rechtspositie van de docent

De uitstroom van jonge docenten met enkele jaren ervaring uit het onderwijs richting bedrijfsleven is m.i. één van de grote problemen in het onderwijs. In een serie logs ga ik in op de problemen die jonge docenten tegenkomen (zoals ik) tegenkomen in het onderwijs. Vandaag deel 1; De rechtspositie van de docent.

Een docent krijg je nooit meer weg” is een uitspraak die ik nog vorige week hoorde in de personeelskamer. Het is de harde realiteit; De rechtspositie van een docent met een vaste aanstelling op een school is erg goed. Een docent is eigenlijk niet weg te krijgen. Omdat veel scholen nauwelijks aan functionerings- en beoordelingsgesprekken doen zijn zelfs slecht functionerende docenten niet te ontslaan. Immers, de kantonrechter zal een ontslag vanwege slecht functioneren alleen accepteren als er een heel verbetertraject vruchteloos aan vooraf is gegaan.

Deze te stevige rechtspositie is m.i. één van de grote problemen van het onderwijs.

Ik merk zelf het probleem al als ik solliciteer op scholen dichter bij huis: Een vaste aanstelling aanbieden kan een school bijna niet, daar moet eerst een heel beoordelingstraject (met bijbehorende tijdelijke aanstelling) aan vooraf gaan. Nu is die beoordeling geen probleem, maar zonder vaste aanstelling is bijvoorbeeld het kopen van een huis wel een probleem. Verder is de rechtspositie van een tijdelijke aanstelling nu juist weer heel slecht, de werkgever kan bijvoorbeeld zonder opgaaf van reden het contract op de einddatum laten verlopen. Een tussenweg is er niet.

Ik, als jonge docent, ondervind dus problemen van de sterke rechtspositie van docenten, terwijl het zittende vergrijzende docentencorps straffeloos slecht kan functioneren, met dank aan de sterke rechtspositie. Ondertussen werk ik jarenlang met tijdelijke aanstellingen en moet ik elk jaar maar weer hopen op genoeg uren voor het volgende jaar om van te kunnen leven, immers, garanties kunnen scholen niet geven.

Ronald te loo legt in een ingezonden brief in Het onderwijsblad 7 ook al de vinger op de zere plek. De ROCs potten hun geld op (daar sprak de onderwijsbond AOb schande van), juist omdat investeren in personeel te riskant is richting te toekomst, immers, docenten raak je nooit meer kwijt. Gevolg: er worden geen docenten aangenomen danwel doorgeschoven naar hogere functies.

Ik ben overigens ook van mening dat de hele discussie over de toenemende management druk in het onderwijs (en de zorg) te maken heeft met de sterke rechtspositie. Omdat je slecht functionerende docenten niet kunt ontslaan, stel je managers aan om de speerpunten van het team te bepalen…

De werkgevers kunnen zelf veel doen om het makkelijker te maken om slecht functionerende docenten te ontslaan door serieuze functionerings- en beoordelingsgesprekken te voeren. Samen met de bonden kunnen de werkgevers de mobiliteit van docenten vergroten. Dit alles met het doel om het onderwijs voor jonge docenten interessant te houden.

Advertenties

8 Reacties op “Hou de jonge docent in het onderwijs (1): De rechtspositie van de docent

  1. Ton Kuijpers

    Een erg suggestief bericht.
    Volgens jou functioneren i.h.a. jonge docenten (wanneer ben je jong?) goed en “grijze/oude” (wanneer ben je oud?) functioneren slecht. Quote: Ik, als jonge docent, ondervind dus problemen van de sterke rechtspositie van docenten, terwijl het zittende vergrijzende docentencorps straffeloos slecht kan functioneren, met dank aan de sterke rechtspositie.
    Dit alles dankzij de slechte rechtspositie: als dit waar zou zijn,dan zou dus nu in Nederland het hele onderwijs naar de kl… moeten gaan, gezien de vergrijzing in het onderwijs.
    In werkelijkheid is het zo dat jaarlijks vele docenten met fpu gaan, maar de aanwas van jonge docenten achterblijft. Oplossing van het management is dan o.a. om onderwijs-assistenten in te schakelen en docenten meerdere vakken (onbevoegd) te laten geven.
    Overigens geldt juist dat docenten in de beta-vakken erg gewild zijn, zeker 1e graders. Dus ik zou zeggen dat je wel een sterke onderhandelingspositie hebt bij sollicitatie, als je tenminste een goede referentie meekrijgt….

  2. @Ton: Als het suggestief overkomt, dan is dat niet mijn bedoeling.

    Ik stel: Een docent met een aanstelling voor onbepaalde tijd kan (vaak) straffeloos slecht functioneren.
    En ik stel: Een docent aanstellen voor onbepaalde tijd is een (te groot) risico voor een school, daar ondervind ik als jonge docent problemen van.

    Ik zeg dus niet dat vergrijzende docenten in het algemeen slecht functioneren.

    En ja, mijn onderhandelingspositie als 1e graads docent is goed, dat staat ook niet ter discussie.

    De achterblijvende aanwas van jonge docenten is inderdaad het grote probleem, vandaar ook deze serie berichten over “hoe hou je jonge docenten in het onderwijs”.

  3. De discussie over de rechtspositie van docenten is een boeiende. De vraag is of de rechtspositie uiteindelijke het probleem is of de manier waarop we ermee omgaan. Ook in het bedrijfsleven vinden onvrijwillge ontslagen niet veel plaats, maar wordt wel duidelijk gemaakt dat er geen plek in de organisatie is als iemand niet functioneert. Een paar observaties/meningen:
    – goede functionerings- en beoordelingsgesprekken met concrete afspraken over verbetering vinden te weinig plaats. In deze gesprekken kunnen -ook binnen de huidige rechtsposities- afspraken worden gemaakt over het presteren. En als dat uitblijft over het uitkijken naar een nieuwe functie.
    – dienstverbanden zijn vaak over de ‘houdbaarheidsdatum’ heen. Persoonlijke verhoudingen zijn vaak zo bepalend, dat een gezonde reflectie over het eigen en andermans functioneren niet meer plaatsvindt. Dat geldt zeker als iemand de ‘overstap’ maakt van docent naar manager. Het zou verplicht moeten zijn om regelmatig over te stappen.
    – er is te weinig carriereperspectief voor goede docenten: jonge docenten verdienen relatief goed, maar de enige doorstroomoptie is het management. Ik zou ervoor zijn dat goede docenten een zwaardere rol krijgen, maar wel als docent: daar hebben ze de grootste impact op het resultaat van de school.
    – het zou goed zijn als er niet alleen een wervingsbeleid is, maar ook een uitstroombeleid. Als mensen niet geschikt blijken voor het docentschap moet er worden gewerkt aan een alternatief buiten de school.
    – het zou goed zijn als het overstappen makkelijker wordt gemaakt en wordt gestimuleerd. Nu wordt ieder vast contract gezien als voor (bijna) eeuwig. Gezien de grote vraag de komende jaren zal zekerheid van inkomen voor goede docenten zo goed als gegarandeerd zijn. Als de mobiliteit groter wordt, wordt het ook eenvoudiger om de formatie van een school aan te passen.

    vriendelijke groet,

    Ronald te Loo

  4. @Ronald: Bedankt voor je uitgebreidde commentaar.

    Ik merk dat ik me in mijn betoog tegenspreek: Ik pleit voor een minder sterke rechtspositie, zodat ik zelf makkelijker een sterke rechtspositie (vaste aanstelling) kan krijgen…

    Mijn punt hier is dat jonge docenten die nu geen volledige baan kunnen krijgen met uitzicht die voor een aantal jaren te houden, er voor zullen kiezen om hun heil (baan) buiten het onderwijs te zoeken. Ik denk dat de formatieproblematiek, mede door de sterke rechtspositie van docenten, daar een belangrijke oorzaak voor is.

  5. Tom, Jongen, Ik spreek je nog wel als je zelf straks “oud” en ervaren bent. Wedden dat je je dan schaamt voor de klinklare onzin die je hier hebt geetaleerd. Succes met je verdere (onderwijs-)carriere!

    MvG

    Peter Heidebrink

  6. Hannes Minkema

    Peter, kerel, laat ik nou geleerd hebben dat meningen geen cent waard zijn zonder argumentatie. Wat jammer dat je Toms bericht niet serieus neemt en je verlaagt tot denigrerend taalgebruik. Gelukkig staat jouw vorm van reageren niet model voor de generatie van docenten waaruit je afkomstig bent.

  7. Pingback: Tom en onderwijs » Blog Archive » Commentaar voor 2005 gesloten

  8. Beste Tom,

    Ik wilde even aansluiten op het verhaal van de rechtspositie van de jonge docent. Ik ben 28 en docent natuur en wiskunde. Heb wel een vaste aanstelling maar geen lesbevoegdheid (alleen universiteit). Enig idee of mijn rechtspositie toch ook sterk is? Of kan de directie mij hier toch zo ontslaan? Ik ben erg benieuwd naar deze vraag, misschien kun jij me verder helpen of weet je waar ik erachter kan komen hoe dat zit.
    Ook ben ik benieuwd naar de mogelijkheden mijn bevoegdheid te gaan halen en welke eisen ik op mijn werk kan stellen om dit te gaan doen…

    Ik hoop op je reactie!

    Groet

    Wouter